Voorkeursvolgorde
De zoetwatervoorziening moet weerbaar zijn tegen lange droge perioden. Dat blijkt opnieuw na het droge voorjaar van 2020 en de droge zomer van 2022. Bij de herijking van het Deltaprogramma in 2020 is een voorkeursvolgorde voor regionaal waterbeheer geïntroduceerd: bij de ruimtelijke inrichting rekening houden met waterbeschikbaarheid, zuinig zijn met water, water vasthouden, water slim verdelen en schade accepteren. Deze uitgangspunten staan nu ook in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en het ontwerp Nationaal Waterprogramma 2022-2027 (NWP). In 2024 wordt een nieuwe Nota Ruimte verwacht, deze zal de NOVI vervangen. Het is van groot belang dat Nederland in 2050 weerbaar is tegen watertekort.
Uitvoering
De uitvoering van het Deltaplan Zoetwater fase 1 is achter de rug. In totaal zijn 51 maatregelen gerealiseerd in de periode 2015-2022. Ook is uitvoering van de maatregelen voor de tweede fase van het Deltaplan Zoetwater gestart. Hiermee moet de zoetwatervoorziening via het hoofdwatersysteem en het regionale watersysteem klimaatbestendiger worden gemaakt. Alle regio’s werken aan weerbaarheid tegen watertekort, het accent ligt op water vasthouden. De overige maatregelen richten zich op effectievere en doelmatigere verdeling van het beschikbare zoetwater, gebruik van alternatieve bronnen, een (klimaat)robuustere inrichting en beheer van het watersysteem en innovaties in onder meer de landbouw.
Het gaat in de tweede fase om een pakket maatregelen van 800 miljoen euro in de periode 2022-2027. Voor het investeringspakket wordt 250 miljoen euro gefinancierd uit het Deltafonds en 550 miljoen euro door provincies, waterschappen, gemeenten en andere partijen, waaronder drinkwaterbedrijven. Meer dan de helft van de investeringen zijn gepland op de Hoge Zandgronden.
Voor het hoofdwatersysteem is de strategie Klimaatbestendige Zoetwatervoorziening Hoofdwatersysteem (KZH) opgesteld. De inzet van de KZH is het Rijn- en Maaswater efficiënter te benutten en het water bij schaarste te verdelen op basis van behoefte en metingen.
Afstemming van zoetwatervraag en -aanbod is cruciaal. Alle watervragende sectoren moeten aan de slag met vermindering van het watergebruik en slimme hergebruikoplossingen. De drinkwatervoorziening – voor de groeiende bevolking en economische ontwikkelingen – staat al in 2030 onder druk door beperkte beschikbaarheid van (grond)water van goede kwaliteit.